Uw klant wil dat er aantoonbaar
duurzaam geproduceerd hout
wordt toegepast in de
producten die hij afneemt. Alleen CoC gecertificeerde bedrijven kunnen (en mogen)
claimen gecertificeerd hout te hebben toegepast. U zult dus gecertificeerd moeten
zijn om aan de vraag van uw opdrachtgever te kunnen voldoen. Certificering wil
niets anders zeggen dan dat een onafhankelijke derde partij controleert of u
daadwerkelijk dat levert waarvan u zegt dat u het levert.
Voor certificering is het van belang dat het gecertificeerde hout tijdens de aankoop,
verwerking, opslag en verkoop traceerbaar is, zowel fysiek als administratief. Op deze
wijze wordt voorkomen dat hout met een certificaat voor duurzaam bosbeheer verward wordt
met hout zonder certificaat.
Het is een groot misverstand dat na certificering alleen nog gecertificeerd hout zou mogen
worden verwerkt. Dit is niet waar. Doordat u gecertificeerd bent, kunt u juist het gecertificeerde
hout scheiden van het niet gecertificeerde, waardoor u beide kunt verwerken.
Het merendeel van de emballagebedrijven haalt in meer of mindere mate een deel van hun hout uit
reeds gecertificeerde bossen, bijvoorbeeld in Duitsland, Frankrijk, Finland of Zweden. Echter, dit
hout verliest zijn certificaat door het ontbreken van CoC certificering bij de emballagebedrijven.
Met andere woorden de keten is niet gesloten, terwijl het feitelijk, in elk geval voor een deel van
de grondstof, relatief eenvoudig te organiseren is.
CoC certificering is niet alleen noodzakelijk om er voor te zorgen dat het gecertificeerde hout na
verwerking zijn certificaat behoudt, het biedt ook een extra argument voor het gebruik van
houten
verpakkingen. De grondstof is immers niet afkomstig uit roof- of mijnbouw, maar uit aantoonbaar goed
beheerde bossen!